Bestel je strips vóór 14u en ontvang ze de volgende werkdag bij je thuis! Shop nu!

Een gesprek met Anne-lise Nalin

20/11/2025

“Soms heb je maar één iemand nodig die je echt ziet”

Een gesprek met tekenaar Anne-lise Nalin over Mijn hart in braille, schoolfobie en personages die tot leven komen

In Mijn hart in braille ontmoeten we Victor en Marie-Jo, twee jongeren die elk op hun manier leren omgaan met wat zichtbaar en onzichtbaar is in het leven. Wie het boek openslaat, merkt het meteen: deze graphic novel straalt gevoel, humor en herkenbaarheid uit. Het verhaal raakt, verwarmt en blijft hangen, net zoals de tekeningen van Anne-lise Nalin. We spreken met haar over de samenwerking met Joris Chamblain, haar inspiratie en schoolfobie en over hoe personages soms zomaar tot leven lijken te komen. Een bijzonder warm gesprek …

Een onverwachte samenwerking

Ze was begin twintig toen scenarist Joris Chamblain haar contacteerde. Of ze wilde samenwerken. Een album maken. Het soort voorstel waar elke jonge tekenaar van droomt. “Maar ik had net een contract getekend voor een ander project,” vertelt ze. “Ik moest hem dus vragen om te wachten. En dat deed hij, gelukkig.”

Hun eerste album samen,  Journal d’un enfant de Lune (2017), ligt nog maar net in de winkel, als er nog een nieuwe uitnodiging volgt. Chamblain en auteur Pascal Ruter vragen haar om Mijn hart in braille te illustreren. Nalin voelt meteen dat dit verhaal bij haar past en bij het lezen van de originele romans weet ze het zeker: “De gevoeligheid, de boodschap, en vooral Ruters humor … alles klikte.”

Eigen schoolfobie

De samenwerking met Chamblain beschrijft ze als heel natuurlijk. “Joris schrijft het scenario als een film in slow motion,” legt ze uit. “Pagina per pagina, prent per prent, met aandacht voor kadrering en emoties. En dan laat hij het los. Hij vertrouwt volledig op mijn artistieke keuzes. Dat werkt ontzettend fijn.”

Voor haar hoofdpersonages laat Nalin zich inspireren door de originele coverillustraties van Anne Montel, die volgens haar een fantastisch lijnenspel heeft. Maar ook haar eigen ervaringen sluipen onvermijdelijk het project binnen. “Ik had in mijn middelbare schooljaren een echte schoolfobie. Het voelde goed om die omgeving te transformeren tot iets positiefs. Alsof ik mijn eigen herinneringen kon exorciseren.”

Mijn hart in braille
 24,95

Bestel

Typisch Nalin

Wat maakt Mijn hart in braille nu “typisch Nalin”? “Waarschijnlijk de hoeveelheid bloed, zweet en tranen die erin gekropen zijn. Of zeg maar gerust, het overspoeld hebben,” lacht ze. “Humor helpt, geloof me.”
Maar bovenal: emoties. “Ik hou ervan om met gezichtsuitdrukkingen en licht een hele scène te laten kantelen. Door zo mee te leven met de personages, leer ik hen echt kennen.”

In Marie-Jo herkent ze ambitie; in Victor gevoeligheid. “En eerlijk,” vult ze aan, “als ik met iemand naar de kermis zou gaan voor een ritje in het reuzenrad, zou ik Victor kiezen. Hij heeft dezelfde humor als ik.”

Personages die tot leven komen

Soms lijkt het alsof personages hun eigen weg naar haar vinden. “Ik heb ooit hun lookalikes ontmoet,” vertelt ze. “Vier zelfs! De jongere én de oudere versies. Ze doken zomaar op, alsof het zo moest zijn.”
Misschien was dat geen toeval, want er komt een tweede deel van Mijn hart in braille (dat zich drie jaar voor de ontmoeting van Victor en Marie-Jo afspeelt) en momenteel werkt Nalin aan deel drie (dat zich vier jaar later situeert). “Het is heerlijk om hun oudere zelf te tekenen. Ze herinneren me eraan hoe belangrijk het is om in het leven te kiezen voor de mensen die er altijd voor je zijn, op je best, maar ook op je slechts.”

Koesteren wat nu is

Aan het einde van het gesprek neemt haar toon een zachte, bijna filosofische wending. “Koester je lievelingsmensen terwijl ze er nog zijn,” mijmert ze. “Niets duurt eeuwig. Behalve misschien mijn liefde voor tiramisu.”
En nu? “Nu is het tijd om mijn warmwaterkruik opnieuw te vullen. Het is koud hier in het noorden van Frankrijk. En dan verder tekenen. Of misschien eerst een dutje, de beste remedie tegen vastgelopen inspiratie. Misschien droom ik wel van verre reizen, een knus atelier in een magisch bos, een carrièreswitch als mangaka of een parachutesprong. Voor ooit.”

Vandaag is ze vooral trots dat ze mensen aan het lachen kan maken. En dat ze elke dag mag tekenen. “Mijn leraar plastische opvoeding had gelijk: ik moest blijven tekenen. Soms is dat alles wat je nodig hebt: iemand die je ziet. Echt ziet. Ook al voel je je nog zo onzichtbaar.”

Bedankt, Anne-lise, voor je warme woorden. Veel succes met al je dromen. En wij kijken alvast uit naar de vervolgdelen van Mijn hart in braille.

Vijf dingen waar ik niet zonder kan:

  1. Gsm en hoofdtelefoon (met rockmuziek of een goede podcast) – oké dat zijn er eigenlijk al bijna vijf, maar ze zijn haast onafscheidelijk
  2. Maki (sushi)
  3. Mangacollectie (mijn eerste (van vele) op mijn tiende was Love Hina van Keitaro Urashima)
  4. Orthopedisch kussen
  5. Dutjes (of zeg maar gerust een twee-daagse-dut)

Kleine dilemma’s

in Mijn hart in braille-stijl

Vroege vogel of nachtbraker
Nachtbraker, absoluut.

Garage of boomhut?
Boomhut, maar zonder insecten.

Boek of film?
Film!

Prater of luisteraar?
Luisteraar.

Netjes of slordig?
Supernetjes.

Stipt op tijd of altijd te laat?
Stipt.

Rekenmachine of hoofdrekenen?
Rekenmachine.

Klassieke muziek of rock?
ROCK.

Suikerappel of kermisfrietjes?
FRIETJES!!

Rebelse student of voorbeeldige leerling?
Voorbeeldige leerling

Hond of kat?
Kat.

Flapuit of welbespraakt?
Welbespraakt.

Botsauto’s of reuzenrad?
Reuzenrad.

Leugentje om bestwil of eerlijk?
Eerlijk.