Bestel je strips vóór 14u en ontvang ze de volgende werkdag bij je thuis! Shop nu!

Longread – De 100 laatste dagen van Hitler

21/11/2025

“Ik heb gemerkt dat om leraar te zijn, geschiedenisleraar of iets anders trouwens, je niet per se van geschiedenis moet houden, maar van kinderen. En ik hou van verhalen, maar niet van kinderen.”

Jean-Pierre Pécau lacht wanneer hij het zegt. Een bekentenis die tegelijk ontwapenend en verhelderend klinkt. De man die ooit geschiedenis doceerde, maar vandaag een van de meest productieve stripscenaristen van Frankrijk is, wijst meteen naar de essentie van zijn carrièrewending. Het inruilen van het klaslokaal voor een schrijversbureau was dus snel beslist, en verhalen? Die zijn er nu meer dan genoeg in zijn werk. Alternatieve geschiedenissen, oftewel uchronieën, is Pécau’s handelsmerk: “Het is een beetje zoals een scheikundig experiment: je mengt wat van dit, wat van dat en kijkt naar het resultaat. Geschiedenis lijkt vaak vaststaand, alsof dingen moesten gebeuren. Maar dat is niet zo: één klein element kan de loop veranderen. Dat is net wat interessant is om mee te werken.” Die fascinatie weerspiegelt zich in meerdere reeksen, van USA Über Alles tot de kronieken van machtige koninginnen en veldheren in Bloedkoninginnen. Met zijn pen beweegt Pécau zich moeiteloos door tijd en ruimte.

Maar De 100 laatste dagen van Hitler, is misschien wel het meest aangrijpende project: een stripbewerking van het gelijknamige boek van historicus en vriend Jean Lopez, waarin de aftakeling van het Derde Rijk dag per dag wordt gevolgd. 100 dagen in 100 pagina’s.

De weg van boek naar strip

Ditmaal geen hypothetische wendingen dus, De 100 laatste dagen van Hitler volgt precies de realiteit zoals ze is beschreven door Lopez. “Toen hij me zijn boek liet lezen, besefte ik dat het ideaal was om als strip te bewerken. Hij had het al in 100 dagen opgebouwd, wat voor mij 100 pagina’s zou worden, het was dus heel eenvoudig.”

Dat klinkt bijna achteloos, maar achter die eenvoud gaat een intens proces van samenwerking, research en afstemming tussen scenarist, tekenaars en colorist schuil.

Intens samenspel

 Pécau weet hoe bepalend dat samenspel kan zijn. Bij Man van het jaar gaat het om losstaande albums. Voor elk deel werkte Pécau samen met een andere tekenaar, terwijl een redacteur van de uitgeverij de reeks als geheel mee begeleidde. “Met Frédéric Blanchard (redacteur) koos ik toen de tekenaars en de thema’s. Hij had het project zelf binnengebracht en speelde zelfs een grotere rol dan ik bij het selecteren van de tekenaars,” vertelt Pécau.

Over de samenwerking met tekenaars zegt hij: “Gewoonlijk schrijft de scenarist eerst het verhaal, deelt het op in pagina’s en kaders, en schrijft de dialogen. De tekenaar volgt die structuur. Maar soms doet een tekenaar voorstellen, bijvoorbeeld om minder kaders te gebruiken, en dat gebeurt ook. Het blijft altijd een kwestie van evenwicht zoeken.”

Voor De 100 laatste dagen van Hitler vond Pécau dat evenwicht samen met Senad Mavrić en Filip Andronik als tekenaars, en Jean Verney als colorist.

Historische trouw

Wij werken al vele jaren samen met Jean-Pierre Pécau, dus het was een heel natuurlijke voortzetting van die samenwerking,” vertelt Mavrić. “Het feit dat we een zeer gedetailleerd historisch boek als basis hadden, bracht ons een soort uitdaging die we dan ook met plezier hebben aangenomen.”

Ook Andronik zag er meteen een unieke kans in: “Alles wat hier getekend is, is werkelijk gebeurd. Het was dus een kans én uitdaging om trouw te blijven aan de echte personages en gebeurtenissen.”

De historische trouw vraagt volgens Verney, die al tien albums met Pécau maakte, ook om de juiste sfeer in beeld: “Het moeilijkste is om altijd de juiste sfeer te scheppen. Ik heb al meerdere albums met Andronik gemaakt. Zijn tekenstijl is heel precies, en dus moet ik dat ook zijn. Wanneer mogelijk documenteer ik me grondig over de beschreven feiten: ik zoek foto’s uit die tijd, ook al zijn veel daarvan zwart-wit, of ik bekijk films, vooral om de sfeer van de periode goed vast te leggen. Bij het inkleuren kun je niet steeds dezelfde kleuren gebruiken; de scènes moeten variëren om niet te vervelen. Daarom baseer ik me op de tijd van de dag, het weer en de locaties om elke scène een eigen karakter te geven en de acties van elkaar te onderscheiden.” Het resultaat is een boek dat niet enkel de feiten vertelt, maar ook de verstikkende atmosfeer van die laatste 100 dagen laat voelen.

Een strip, geen pamflet

Toch blijft Pécau heel bescheiden over zijn rol, terwijl sommigen strips een grote maatschappelijke waarde toekennen, haalt hij de schouders op: “Ik denk dat strips bescheiden moeten blijven. Voor mij zijn strips eerder een vorm van ontspanning, zoals muziek. Sommigen zien het als kunst, maar ik vind het vooral een sympathieke vorm van vermaak.

Dat betekent niet dat er geen ernst achter schuilt. Wie De 100 laatste dagen van Hitler openslaat, krijgt bijna een documentaire ervaring. Mavrić ervaarde de consistentie als de grootste hinderpaal: “Want er bestaan altijd meerdere versies van diezelfde gebeurtenissen. Je moet, om het zo te zeggen, de versie vinden die het dichtst bij de waarheid ligt.

Volgens Andronik maakt juist dat het werk zo bijzonder: “Deze gebeurtenissen hebben echt plaatsgevonden, er bestaan foto’s van. De tekenaar moet zich daaraan houden.”

Scènes die blijven hangen

Wanneer we de tekenaars en de colorist vragen welke pagina uit De 100 laatste dagen van Hitler hen het meest is bijgebleven, denken ze meteen aan de momenten waarin de ondergang van het regime tastbaar wordt.

De 100 laatste dagen van Hitler
 39,95

Pre-order

Mavrić wijst op de pagina’s die de verwoesting van het regime het best tonen. Andronik kiest voor de straatgevechten in Berlijn: “Die gevechten waren zo hevig dat je bijna zou denken: onmogelijk. Maar het is waar. Het is niet getekend voor effect, het is werkelijk zo gebeurd.”

Verney kiest op zijn beurt voor de dubbele pagina van 13 februari (pp. 32-33): “De tinten lopen van stof en puin naar vuur en donkerrood onderaan de pagina. Met die grote panoramische kaders worden de ruïnes, de chaos, de vernietiging en de verschrikking perfect weergegeven.

Ook Pécau reflecteert op de mensen achter de verhalen. Bij hem zijn we nieuwsgierig naar wie hij uit zijn eigen boeken mee op café zou nemen, en hij geeft eerlijk toe dat hij liever aan tafel schuift met Jorge Semprún dan met Adolf Hitler: “Semprún was een Spaanse schrijver, verzetsman en voormalig minister van cultuur. Hij had duizend levens, en koos altijd de juiste kant van de geschiedenis. Zijn moed en overtuiging fascineerden me.”

Voor de liefhebbers van geschiedenis en strips

De 100 laatste dagen van Hitler is geen fictie, geen uchronie, geen fantasy. Het is een documentaire in beelden: een grauwe kroniek van de ondergang van een regime, vertaald naar het medium dat Pécau het liefst hanteert. Precies daarin schuilt de kracht van dit boek.