Bestel je strips vóór 14u en ontvang ze de volgende werkdag bij je thuis! Shop nu!

In het hoofd van een uitgever

15/09/2026

Dat er véél speelt in het hoofd van verantwoordelijk uitgever Lieze, dat wisten we al. Nu deelt ze ook met jou wat haar bezighoudt, waar ze haar hoofd over breekt en waar ze enthousiast van wordt … Kruip mee in het hoofd van een uitgever die haar schouders zet onder een stripsector in beweging.

#1 De start

Het is 1 september wanneer ik deze eerste column schrijf.

Vandaag start mijn oudste dochter in het eerste leerjaar (voor de Nederlandse lezers: groep 3). Deze ochtend vroeg ik haar wat ze dacht dat ze op school zou doen. “Ik hoop dat ik vandaag leer lezen. Dan kan ik Oona voorlezen.” Mijn hart loopt over. Emoties overspoelen me: de hoop dat haar schoolcarrière een vlotte start kent en trots, oh zo veel trots.

De eerste dag van de maand betekent voor mij ook: cijferdag. Statistieken aanvullen, KPI’s invullen, facturen maken, … “Rotwerk,” hoor ik sommige zelfstandigen weleens zeggen. Ik denk daar anders over. Cijfers vertellen me hoe we bezig zijn. En dat wil ik weten, want als verantwoordelijke uitgever heb ik behoorlijk grote schoenen te vullen.

In twintig jaar tijd groeide Daedalus uit tot de grootste onafhankelijke Nederlandstalige stripuitgeverij. We staan voor gevederde kwaliteit, sterke reeksen, goede boeken. Alleen het beste is goed genoeg. Bovendien ben ik verantwoordelijk voor ons team. Mijn beslissingen hebben niet alleen impact op mezelf en mijn drie collega’s, maar ook op vier gezinnen. Met andere woorden: slechte resultaten neerzetten is geen optie. Maar gewoon verder doen zoals ik het van oprichter Luk heb gezien? Dat evenmin.

Zondag bezocht ik een gespecialiseerde stripbeurs. Terecht trotse organisatoren, enthousiaste tekenaars en verschillende vertrouwde verzamelaars die ik intussen van andere beurzen ken. Ook ontelbaar veel bananendozen. En … amper vijf bezoekers onder de achttien.

Waar zijn de jongeren?

Nochtans is de jeugd volop bezig met tekenen en beeldverhalen. Academies hebben wachtrijen, gespecialiseerde hogescholen organiseren stevige toelatingsproeven en op sociale media pronken jonge makers massaal met hun talent.

Nogmaals, waar zijn de jongeren?

Achter de schermen, draai ik al lange tijd mee en al vroeg ging ik mee naar binnen- en buitenlandse beurzen. Strips waren in mijn ogen cultureel erfgoed. Kostbaar bezit. Deel van onze cultuur en, voor zover ik wist, aanwezig in elk huishouden.

Pas toen ik, vandaag vier jaar geleden, officieel voor de uitgeverij begon te werken, begonnen mij dingen op te vallen. Ik startte als vertegenwoordiger voor België en kreeg het privilege om zowat elke stripspeciaalzaak in Vlaanderen te bezoeken. Elke winkel werd uitgebaat door een liefhebber. Sommige eigenaars lazen ieder boek dat ze aankochten, andere bijna niets meer. Sommige winkels waren spic en span, bij andere moest je eerst enkele kartonnen dozen opzijschuiven om de kassa te bereiken. Eén ding hadden ze allemaal gemeen: hun cliënteel was voornamelijk 50+.

Hoe kan dit?

In het buitenland spreekt men over onze strips als la BD franco-belge. België was jarenlang de bakermat van internationaal striptalent. En toch lijkt de strip hier vandaag gevangen te zitten in een vreemde paradox: we doen hem af als iets voor kinderen, terwijl we steeds minder kinderen en jongeren bereiken. Ondertussen wordt het publiek dat wél strips koopt en verzamelt steeds ouder.

Ergens onderweg zijn we iets kwijtgeraakt.

Daar was ik van overtuigd toen ik in 2024 mijn grote plannen aan Luk uit de doeken deed. “Ik denk dat we een aantal dingen anders moeten gaan doen. Want als we zo doorgaan, vrees ik dat we op termijn niet kunnen standhouden.” Ik verwachtte discussie, tegenargumenten, misschien zelfs een kleine preek over mijn gebrek aan ervaring. Maar Luk leek niet bepaald onder de indruk. “Je hebt gelijk. De tijden zijn veranderd. Ik heb 44 jaar geïnvesteerd in de sector en heb de energie niet meer om die verandering te trekken.” Een half jaar later besloot hij met pensioen te gaan. En zo begon het.

Ik investeerde alles wat ik had in een uitgeverij die volgens mij moest veranderen en maakte mezelf een belofte: Ik wil de stripwereld veranderen. Ik wil jongeren opnieuw warm maken voor de strip franco-belge. Ik wil dat strips opnieuw de plaats krijgen die ze verdienen: cultureel erfgoed dat niet alleen iets vertelt over waar we vandaan komen, maar ook wordt doorgegeven aan wie na ons komt.

Vanmorgen stond er een zesjarige voor me die niets liever wilde dan leren lezen, zodat ze een verhaal kon voorlezen aan haar kleine zus.

Aan de goesting zal het dus niet liggen.

Volg mij in het hoofd van een uitgever.